zaterdag 9 juni 2007

Sarah kan het ook


‘Je zou ook zelf een blog kunnen beginnen, Sarah.’
‘Nee hoor. Dat doe ik niet.’
‘Waarom niet?’
‘Daar ben ik niet origineel genoeg voor.’
‘Origineel ben ik ook niet.’
‘Laten we het maar houden zoals we het nu doen. Weet je wat? Als ik eens een stukje heb, of ik heb een leuke foto gevonden, dan zet ik er ‘Sarah Harder’ onder. Is dat goed?’
‘Prima. Waarom wou je die foto van George Bush hierboven hebben?’
‘Nou, ik las van de week over Eric van O., die Nederlandse moordenaar in Irak. En toen dacht ik: nou moet ik een foto zien te vinden van Eric z’n hoogste baas. Die Eric zou een jaar of zes moeten vastzitten.’
‘Vind ik ook. In Irak.’
‘Ja. Maar Bush zou levenslang moeten krijgen.’

vrijdag 8 juni 2007

Kunst, door Sarah uitgekozen





‘Je hebt een goede smaak, Sarah. Hoe ben je eraan gekomen?’
‘Gisteravond ging jij een uurtje liggen. Toen heb ik op je computer gezeten. Ik ging naar je blog toe, en daar klikte ik op ‘volgende blogs’. Ik had ze in een half uurtje.’
‘We hoeven nooit meer naar de kunstuitleen.’

Jenson


‘Dus daarvan kun jij genieten, Ben?’
‘Ja, vooral van die Q. De cursieve variant daarvan vind ik zo prachtig gevonden. Q! Zie je dat, Sarah? Hij heeft het niet in de Georgia, dat is de letter waarin wij praten.’
‘Ik vind eigenlijk alleen die cijfers mooi.’
‘Omdat ze onder de regel hangen. Ja, dat zijn ook mooie dingen, net als die Q.’

donderdag 7 juni 2007

Andrew en Chris

‘Ik las laatst een blog van een Andrew Wasteland of Eastland, ik kan geen namen onthouden.’
‘Dat dacht ik al, Ben. We hadden het een keer over een schilderij van De Hooghe, en toen kwam je ook al niet verder dan: hoe heet die knul toch? In de buurt van Rembrandt.’
‘Ja. Toch kwamen we er uit. Wij hebben vaak leuke discussies, vind je ook niet?’
‘Soms, ja.’
‘Die Andrew heeft een blog die, meen ik, 4th Avenue Blues heet. Andrew is een paranoïde psychopaat en dat is hij geworden, zegt hij ongeveer, nadat hij vele jaren gezopen heeft als een ketter.’
‘Hoe oud is hij?’
‘35.’
‘En hij woont nog bij zijn ouders?’
‘Ja. En hij klaagt dat hij zijn dokter nooit alleen te zien krijgt, omdat zijn vader hem naar die dokter toe moet rijden. Hij vindt ook dat hij teveel medicijnen krijgt. Bijwerkingen. Hij werd dikker enzovoorts.’
‘O ja, dat doen sommige medicamenten. Wat slik jij?’
‘Daar vraag je me wat, Sarah... Remeron!’
‘Dat is een goed medicijn. Daar word je niet dik van.’
‘Maar toen ging ik kijken in zijn reacties, en daar was een Chris bij die vertelde dat Andrew met zijn ass aan het werk moest gaan. Dan zouden alle problemen als sneeuw voor de zon verdwijnen, zei hij.’
‘Heer god, Geenstijl is ook al in Amerika doorgedrongen.’
‘Dus ik heb hem een berichtje geschreven: in tijden van crisis moet je niet luisteren naar de Chrisses, Andrew.’
‘Dat heb je goed gedaan. Ja, schenk jezelf nog maar eens in. Het mag, zegt de vrouw des huizes. Hoe vond jij Francisco van Jole vanavond?’
‘Ik vond hem fantastisch goed, Sarah. Dat programma moet een Nipkowschijf krijgen.’
‘Weet je wat ik er zo goed aan vond? Ik wil graag nog een Pernod met een beetje water.’
‘Zo?’
‘Dat is voldoende, ja. Wat er zo goed aan was, was dat hij het probleem niet bij de allochtonen legde.’
‘Ja. Die hebben ook eigenlijk geen schuld aan dat gevoel van onveiligheid. Wat de Chrisses ook zeggen.’

De regie regeert

Hoe doe je een tenniswedstrijd? Dat doe je zo. Je neemt één televisiecamera, die zet je neer en die laat je ook gewoon staan. En je hebt nog een presentator nodig, bij voorkeur een oud-tennisser of een geïnteresseerde leek, die dus niet gaat staan psychologiseren over Maria Sharapova (‘ze moet haar ritme nu snel vinden’), maar die kalm en rustig vertelt over de backhand van Justine Henin of de forehand van Ana Ivanovic. Zo moet het, en niet anders. Desnoods neem je nog een tweede camera mee, voor de herhalingen in slow-motion.
Hoe anders gaat het bij Roland Garros in Frankrijk! Daar probeert de regisseur het spel voor ons ‘spannend’ te maken door voortdurend niet-essentiële beelden te laten vervloeien met de beelden waar het om gaat: de beelden vanuit die ene stilstaande camera. Het ergst zijn dan nog de commentaren van de presentator, die mee gaat doen met de regisseur: ‘Ja, Jankovic lacht meestal veel op de baan. Maar vandaag?’ - als er weer zo’n onzinnig beeld te zien was van een tennisster die een bal de baan uit mikte, en die even treurig keek.
Overigens zal de damesfinale tussen Justine en Ana na 64 minuten zijn uitgelopen op 6-1 en 6-2.
De herenfinale tussen Federer en Nadal zal ook tamelijk snel gaan: 6-2, 6-3 en 7-5 voor Federer.

woensdag 6 juni 2007

Samen

‘Wat vind jij nou bijvoorbeeld aantrekkelijk aan mij, Ben?’
‘Je wilt wel altijd het essentiële weten, hè. Maar wat mij aantrekt in jou, Sarah - ik neem nog even een slokje - dat is je fantastische figuur. Je figurette, om het eens officieel uit te drukken.’
‘Laat nou de bom barsten.’
‘Nee, ik meen het echt. Oprecht. Je weet dat ik niet lieg.’
‘Ghrr.’
‘Dat heb ik vroeger wel veel gedaan, liegen. Ik loog totdat ik barstte. Maar dat doe ik nu niet meer. Ik spreek uitsluitend de zuivere waarheid. Je figurette. Toen je vanmiddag stond te koken, met die kipfilets, die uien, die paprika’s, die champignons enzovoorts, toen was je prachtig. Ik keek af en toe om een hoekje. Maar hoe doe jij dat - zo snel iets maken dat zo lekker is?’
‘Koken is een kwestie van organiseren en van je handen laten wapperen. Weet je wat ik aantrekkelijk in jou vind, Ben?’
‘Mijn wellustige snavel.’
‘Nou, dat is misschien ook een punt.’
‘Mijn prachtige neuspartij?’
‘Jij hebt gewoon een aardappelneus. Nee, zoals jij zit te lezen in bijvoorbeeld ‘Meesters der Misdaad’. Want de mensen denken dat jij constant zit te lezen in James Joyce of in Nabokov, maar vanmiddag dus niet. Vanmiddag zit jij in die grijze fauteuil met ‘Meesters der Misdaad’. Je stopt even met lezen, legt dat boek op je billen en je kijkt radeloos om je heen. Dat was een mooi moment, een moment van liefde, zou je kunnen zeggen. Ik ben gelijk gaan koken.’
‘Ik keek niet radeloos, maar teleurgesteld om me heen. Had weer een butler het gedaan!’
‘Hoe ook, zeer aantrekkelijk.’
‘Genoeg om eh...’
‘O ja, zeker Ben. Ik trek bij je in.’

‘Ilona?’

‘Ilona, Ben?’
‘Wat een heerlijke vis heb je gemaakt, Sarah. Wat voor vis is het trouwens?’
‘Kabeljauw.’
‘Heerlijke vis, ik kan niet anders zeggen. Voortreffelijk, met een lekker sausje erbij.’
‘Een botersausje. Daar doe ik altijd een tikje djahé doorheen.’
‘Heerlijk. Mijn keukenprinses: Sarah!’
‘Ilona.’
‘Hmm?’
‘Wie is die Ilona?’
‘Uhm... spreek die naam nog eens uit?’
‘Ilona.’
‘Aha! En nu wil jij weten waar ik die Ilona van ken.’
‘In. Derd. Aad! Zeg op.’
‘Ilona komt uit een vroeger leven, kan ik wel zeggen. Uit mijn vorige leven, Sarah. Ik heb een maand lang op de live.spaces gezeten.’
‘En daar kwam je Ilona tegen.’
‘Ja. Zo simpel is het!’
‘Zeker een bimbo is die Ilona dan. Ja, ik ken je voorkeuren wel, Benneman! Glimmende tieten.’
‘Dat valt me van je tegen, Sarah.’
‘O ja?’
‘Daar houd ik helemaal niet van, en dat weet je heel goed. Waar ik van houd, is bijvoorbeeld...’
[over de nu volgende scènes kunnen helaas geen mededelingen worden gedaan]
‘Je had het helemaal mis, Sarah. Die Ilona kon schrijven. En weet je wat het gekke is? Ik heb mijn Live ID informatie, of hoe dat ook heet, weggegooid. Dus ik kan niet meer op haar space kijken, of op welke andere space ook.’
‘Een groot gemis. Je kijkt ook zo enorm teleurgesteld.’
‘Een treurige blik, ja. Dat krijg je van die tegenslagen.’
‘Ik heb met je te doen, Ben. Echt.’
‘Maar die spaces mis ik niet. In een maand tijd heb ik twee, zeg maar, fatsoenlijke mensen ontmoet. Ilona, en een vrouw uit Kuala Lumpur.’
‘En die Ilona komt uit?’
‘Zuiden des lands, meen ik me te herinneren.’
‘Je hebt je bordje nog niet op.’
‘O ja. Kabeljauw. Terwijl je hier, in die blogs, een stuk serieuzer, een stuk internationaler zit, of ik weet niet hoe ik het moet zeggen. Daar wil je je bij aansluiten, terwijl je bij die spaces het idee had...’
‘Dat waren familieberichten.’
‘Ja. Meisjes van 19 die zichzelf ‘a lonely girl’ noemen. Jongens van 19 met een serie van 173 vakantiefoto’s. Dat heb je in de blogs een stuk minder.’

Portugal!


Dat kom je zelden tegen: een Portugees met mijn smaak! Ik bedoel, die had een blog dat opende met dit ‘drieluik’ van Magritte. Mijn pijp viel uit mijn mond, toen ik het zag.

Net ontdekt!

Niran Khan of Nikan Khan. Prachtige dingen maakt hij!

Het wereldgebeuren

‘Dus jij wilt geen voetstappen nalaten.’
‘Nee, Sarah.’
‘Je wilt gewoon een keer doodgaan.’
‘Dat lijkt me wel het beste, ja.’
‘Maar stel nou dat je een idee hebt. Bijvoorbeeld over Irak, of over de evolutie, of over de vervuiling der internationale zeeën.’
‘Mijn antwoord op al dat soort problemen is: schaf de religie af, en kijk dan verder.’
‘En je wilt dat dat idee verder gedragen wordt.’
‘Tja, Sarah. Verder gedragen ideeën, dat is meer iets voor mensen zoals Shakespeare, Tolstoj, Nabokov.’
‘Voor de echt uitzonderlijke kunstenaars, bedoel je.’
‘Ja. Niet voor eenvoudige bloggers zoals wij.’
‘Zoals jij, bedoel je.’
‘Vooruit. Maar noem eens een idee dat jij in de openbaarheid wilt brengen, Sarah.’
‘Ik wil kindermoordenaars straffen, niet met een gevangenisstraf, maar met de doodstraf.’
‘Welke doodstraf?’
‘Een spuitje of zo.’
‘Dat lijkt me een heel clemente behandeling, ja. Goed idee, Sarah. Voetstappen nagelaten enzovoorts, maar laten we nog maar een glaasje rum nemen.’

Hoeken




Van Agt


Vanavond was oud-premier Van Agt op de televisie, om te spreken over Israël en de Palestijnen. Het was in dat EO-programma van Benevel & Van den Krink, die het natuurlijk helemaal oneens met hem waren. Want joden en de ouderwetse christenen, dat weet wat.
Van Agt zei heel aardige dingen: neem nou gewoon dat ouwe plan van Arafat uit 1988. Meer hoeft Israël niet te doen.
En meer hoeven ze ook niet te doen.

Krantenlezer

Sarah vraagt: ‘Maar je wilt toch ook gelezen worden?’
Ik zeg: ‘Gelezen? Door wie?’
‘Nou, door iedereen.’
‘Iedereen kan dit ook lezen, Sarah.’
‘Ik zie nooit een stukje van jou in dat bloglog.’
‘En daar zou je me graag tussen zien staan.’
‘Ja.’
‘Sarah.’
‘Ja, Ben?’
‘Ik heb een vraag.’
‘Stel hem.’
‘In dat bloglog gaat het over de verschrikkingen die Paris Hilton meemaakt. Of een Geenstijl-jongen heeft weer eens een opmerking over laat ons zeggen Francisco van Jole. Of een technicus komt melden dat je de nieuwste iPod moet hebben. Of een geilaard meldt: ‘en dan sluiten we deze avond af met de weelderige boezempartij van Jeanine’. Moet ik tussen dat soort gedarmte staan? Dat was mijn vraag.’
‘Als je het zo zegt, nee natuurlijk.’
‘Ik ben blij dat je het met me eens bent, Sarah.’
‘Jij bent liever een krantenlezer, begrijp ik.’
‘Een ouderwetse krantenlezer, dat heb je goed gezien. In de kast links, Sarah.’
‘Daar staat wat, Ben?’
‘Daar staat een fles goede, bruine rum.’
Ooh! Wat worden wij het vaak eens! Zelfde dinges.’
‘Zelfde wat, Sarah?’
‘Zelfde golflengte, Ben.’

maandag 4 juni 2007

Surrealisme in Rusland


In Nederland gebeuren de dingen 50 jaar later dan elders, volgens Heine. Maar dat is in Rusland nog erger. In Rusland is het surrealisme herontdekt. Gevolg: dit soort schilderijen, waar je van moet houden. Ikzelf vind het niet eens onaardig, maar de titel klopt niet: ‘Eiland’. Ja verdomme, denk je, dat zie ik zelf ook wel, dat dat een eiland is. ‘Heiland’ zou nog een betere titel zijn geweest.
Meer van dergelijke amateurismen uit Rusland vindt u op www.arthit.ru.

zondag 3 juni 2007

Léuke stunt?

Of dat nou zo leuk was, die nierstunt van BNN... Eerst doen ze alsof het echt was, met een echte nierdonor. Dus daarvan zeggen CNN, BRD, ARD en Hanneke Groenteman: ho! Dát mag niet! Vervolgens blijkt het een actrice te zijn, hie ho hie ho. Dat mag wel.
Je hoorde al geluiden alsof BNN de nieuwe VPRO zou zijn. Heren, de VPRO had het geval toch anders aangepakt. Met een echte nierdonor, geloof mij maar.
Het gevolg van deze BNN-stunt zou natuurlijk positief kunnen uitvallen, maar ik denk niet dat Den Haag zo enorm ‘geschokt’ reageert. We hebben daar een minister Klink of Klinker zitten, van het CDA is die, en daar moet je tegenaan schoppen, wil je iets gedaan krijgen.
Leuke stunt dus misschien. Die nergens toe dient, tenslotte.

vrijdag 1 juni 2007

Mijn verontschuldigingen

Ik heb vanavond ‘Is dat eigenlijk wel zo’ gezien, en je moet daarvan toch eigenlijk wel zeggen: een beter programma is er op de Nederlandse televisie niet. Ondanks die schermen, ondanks die techniek enzovoorts. Ik vind nog steeds dat je al die dingen niet nodig hebt om iets te zeggen, maar anderzijds: ik had het idee dat daar een man stond die ons iets te vertellen had. Verdomd. Het was niet meer de Francisco uit de eerste aflevering, die als het ware door al die schermen heen en weer bewoog - het was alsof hijzélf die beelden deed bewegen. Dat moeten we hebben.

donderdag 31 mei 2007

Mijn twijfels

Francisco van Jole beschrijft in zijn blog ‘2525’ wat het onderwerp van zijn tv-programma ‘Is dat eigenlijk wel zo?’ van morgen zal zijn: is dat geloven in een God wel zo nuttig.
Laat ik eerst zeggen dat dat programma (ik heb er vorige week de eerste aflevering van gezien) het in zich heeft, uit te groeien tot een fantastisch programma. Voorwaarden zijn dat er elke week iets nieuws gebracht wordt, en dat de presentator erin slaagt zijn licht aanstootbare beelden op de meest gewone (i.e. op de meest ‘Engelse’, ik weet niet hoe ik het moet uitdrukken; op de meest non-Hilversumse) manier aan te kondigen en te begeleiden. Het moet niet zo zijn dat de presentator, zoals hij bijvoorbeeld afgelopen weekend nog deed, in zijn blog meedeelt dat het programma wel degelijk in de top 10 van dit of dat lijstje terecht is gekomen. Eigen roem riekt, en dat moeten we niet hebben natuurlijk.
Ikzelf zou voor het onderwerp dat er morgen aankomt, een ander ‘format’ gekozen hebben. Ik zou een atheïst van het slag Kousbroek of Karel van het Reve (maar die leeft niet meer) aan het woord laten. En ik zou een theoloog uit Elburg of Nieuw-Buinen, of een goedgebekte priester uit Limburg aan het woord laten. Vragen: u gelooft (niet) in een God. Waarom is dat? U bidt (niet). Waarom? Enzovoorts. De twee gaan niet met elkaar in discussie, maar vertellen onafhankelijk van elkaar hun verhaal. Klaar. Einde programma.
Maar dat is geen televisie, dat is radio! Ja, dat is radio. So what? Als je een boodschap hebt, moet je die boodschap op de meest simpele manier vertellen.
Want dat vergat ik net te zeggen: het moet niet om de techniek en om die schermen enzovoorts gaan. Zo gauw je erbuiten kunt, laat je die dingen weg. Dat komt je boodschap ten goede.

woensdag 30 mei 2007

Peccata mundi

Het stoort je niet bij Bach: de jezuschristus-rijmelarij. Als je z’n Hohe Messe beluistert, zoals ik vanmiddag nog heb gedaan, geniet je alleen maar. Maar het stoort je wél bij, noem maar een andere naam, Duruflé. Als daar een bariton of een koor ‘Peccata mundi’ begint te zingen, dan stoort je het leugenachtige, het valse dat in de tekst zit.
Ik ken Duruflé z’n biografie niet, maar zou het kunnen komen doordat Duruflé al die dingen ook echt gelooft?

dinsdag 29 mei 2007

Productieproces











Surrealisme


‘Haar mollige figuur, las ik laatst in een woordenboek Nederlands-Engels.’
‘En wat was de vertaling?’
‘Her full figure.’
‘Dat klinkt nog niet zo gek, Ben! Ik zou liever een full figure hebben dan een mollig figuur.’
‘Ja, maar het viel me op dat ze er niet ook een mannelijk equivalent bij hadden. Een mollige jongen bijvoorbeeld.’
‘A chubby boy, bedoel je.’
‘Ja, zo’n jongen komt er altijd slechter van af dan een dame.’
‘Dat komt door de schilderkunst. Die dames met hun full figure kennen we van Rubens. Dat vinden we mooie dames. Er zijn geen schilderijen van ongeveer even dikke jongens. Daarom zie je elke zaterdagochtend die mannen joggen.’
‘Ik geloof dat ik je begrijp, Sarah.’
‘Je kunt het van een woordenboek niet vragen, maar wat zou de vertaling zijn van: zij heeft een mollig karakter?’
‘Een móllig karakter? Daar zeg je me wat. A fleshy, nee. A round-hearted of zoiets?’
‘Een mollig karakter is een sensueel karakter, met iets extra.’
‘Aha. Ik denk niet dat er in Engeland veel vrouwen rondlopen met een mollig karakter. Dus daar hebben ze geen woord voor. De Russen hebben geen woord voor pols, of voor de kleur blauw.’
‘Dus de Russen dragen armhorloges?’
‘Ja.’
‘Dat klinkt niet zo gek. Wij dragen om onze polsen armbanden tenslotte. Dat brengt me op Magritte’s schilderij van die paar losse ogen, die losse neus en die losse lippen.’
‘Oja.’
‘Ik heb in de Stichting in Heiloo gezeten, hè, en daar hadden we ook arbeidstherapie. Moesten we schilderen. Creatief zijn. Dus wat doe ik? Ik schilder één groot oog, met ooghaartjes enzovoorts, maar ik concentreerde me op dat oog. Ik dacht: dan doe ik later het ander oog wel, en de hele rest.’
‘En dat was natuurlijk niet de bedoeling.’
‘Nee, de arbeidstherapeut kwam naar me toe en zei: wat doet u nu, mevrouw Harder! Hij wilde dolgraag dat we die surrealistische yin en yang dingen gingen maken.’
‘Surrealisme, my foot!’
‘Dat vind ik ook. Die dromerige onzin maakte hij zelf namelijk ook.’